· 

60 jaar Hongaarse opstand: Hoe 1956 voortleeft in Boedapest

Deze dagen is het 60 jaar geleden dat de Hongaren in opstand kwamen tegen de communistische dictatuur. Om dat te vieren hangt Boedapest momenteel vol met affiches van helden van 1956. Wie deze week tram 4 of 6 instapt, krijgt bij iedere halte te horen wat op die plek tijdens de opstand is gebeurd. Hongaren zijn echter dol op monumenten en gedenktekens. Wie dan ook geïnteresseerd is in die opstand en in het communisme in zijn algemeenheid, heeft ook de rest van het jaar voldoende te bekijken. Een leidraad, door onze Wereldstadgids Runa.

Monumenten die de dertiendaagse opstand tegen het communistische regime in de herfst van 1956 herdenken vind je echt overal in Boedapest, eigenlijk teveel om ze allemaal te willen bekijken. Maar ieder van die beelden en gedenkstenen heeft zijn eigen verhaal. Van de jonge medische studenten die een ambulancedienst hadden opgezet, de kinderen die sneuvelden en de vlag met een gat tot de kunstenaars die zich inzetten tijdens de opstand: allemaal hebben ze wel ergens hun plekje op een plein of muur gevonden.

1956-route

Een goed startpunt voor een 1956-route is het plein voor het parlement, waar destijds meerdere malen werd gedemonstreerd, één keer zelfs met zeer bloedige afloop. Op de derde dag van de opstand vielen op dat plein tientallen doden toen op de demonstranten werd geschoten. Nog steeds is niet opgehelderd wie precies achter die schietpartij zat. Aan de linkerkant van het plein voert een trap tussen met kogels doorboorde stalen platen naar een kleine tentoonstelling over die gebeurtenis. Vooral de virtuele tank die op de bezoekers toe rolt, maakt grote indruk.
Even verderop, bij het voormalige ministerie van landbouw, geven ijzeren ballen op de zuilen aan waar destijds de kogels insloegen. De vriendelijke oudere heer op het nabije bruggetje is Imre Nagy, de hervormingsgezinde communist die tegen wil en dank leider van de opstand werd en dat uiteindelijk ook met zijn leven moest bekopen. Zijn monument geeft meteen ook aan hoe gecompliceerd geschiedenis kan zijn, en hoe gevoelig: veel Hongaren vandaag de dag willen niet echt graag weten dat communisten ook een rol in 1956 speelden, en niet alleen als de boeman aan de ‘andere kant’.

Lynchpartij

Het beste is dat misschien wel te zien op het János Pál pápa tér (Paus Johannes Paulusplein), het vroegere Köztársaság tér (Republiekplein). Of beter gezegd: je ziet het juist niet, want wat hier schreeuwend afwezig is, is een monument voor de slachtoffers van alleen maar kan worden omschreven als een ‘lynchpartij door de opstandelingen’. Op het plein stond destijds het kantoor van de Boedapester afdeling van de Arbeiderspartij, zoals de Hongaarse communistische partij heette. Onder de opstandelingen ging het verhaal dat onder dat hoofdkwartier een gevangenis zat, waar circa 150 anticommunisten opgesloten zaten. Het leidde op 30 oktober 1956 tot de bestorming van het gebouw en tot het opknopen van een aantal mensen die zich binnen bevonden. Volgens de menigte ging het om geheim agenten, in werkelijkheid om dienstplichtige soldaten. In de dagen daarna werd gespit naar de geheime ondergrondse gevangenis, sommigen zweren dat ze stemmen hebben gehoord die ‘help’ riepen, maar gevonden is er nooit iets.
In de communistische tijd herinnerde een groot monument aan de heldhaftige helden die hun leven hadden gegeven om het partijhoofdkwartier te verdedigen tegen de contrarevolutionairen. In het gebouw zelf hing een gedenksteen, al werd die na de val van het communisme achter een gordijn verstopt. In 2006 bedacht iemand hoe je toch een monument voor de gebeurtenissen op het plein kon neerzetten, zonder te hoeven reppen over de pijnlijke kanten van de zaak: met een buste van de Franse fotograaf Jean-Pierre Pedrazzini die tijdens de gevechten op het plein dodelijk gewond raakte.

Sovjet-overheersing

Van een heel ander karakter is het beeldje bij de Corvin-bioscoop dat herdenkt hoe jongens, kinderen nog, in die buurt de wapens grepen om Boedapest te verdedigen toen de Sovjet-tanks op de ochtend van 3 november weer de stad inrolden en een einde maakten aan wat kortstondig een succesvolle actie van verzet tegen de Sovjet-overheersing leek. Op de muren van de bioscoop zijn tientallen namen te lezen van mensen die destijds sneuvelden.
En dan is er nog het grote monument dat in 2006, bij de vijftigjarige herdenking, onder veel protesten werd onthuld. Protesten, omdat velen meenden dat de toenmalige socialistische premier geen recht had een monument voor 1956 te onthullen, maar ook omdat een deel van de bevolking het te modern en abstract vond. Het bestaat uit een V-vorm van zuilen van verschillende metalen, die samen een een menigte vormen die aan het uiteinde nog dun en verdeeld is, maar in de punt zo verenigd dat ze in staat is om de hardste weerstand, zelfs de stenen bodem, te breken. Eerlijk is eerlijk, ik heb slechts één keer meer gemaakt dat iemand die symboliek meteen begreep: een twaalfjarige jongen.
Meer weten over de Hongaarse opstand of over Hongarije in zijn communistische periode? We vertellen u de verhalen en context graag persoonlijk, gidsend door de straten van Boedapest.