· 

Zolang het Colosseum bestaat, zal Rome bestaan

Het Colosseum is een van de meest tot de verbeelding sprekende gebouwen ter wereld. En hoewel selfiesticks er verboden zijn, maakt iedere bezoeker hier maar wat graag een foto van zichzelf. Juist deze plek, waar zoveel bloed gevloeid heeft, en waar dood en verderf als spektakel werden toegejuicht, is bijna 2000 jaar later verworden tot iets heel anders: symbool van het Onverwoestbare. Onze Wereldstadgids Sandrina schreef er een prachtig verhaal over: De bruid en de dood.

De bruid en de dood

‘Nog ietsje naar rechts! Ja zo!’ De fotograaf positioneert het bruidspaar voor een mooi portret tegen de achtergrond van het symbool van Rome bij uitstek: het Colosseum. Het bruidspaar heeft veel bekijks op deze toeristische plek: een nep-gladiator maakt gewillig plaats, een nieuwsgierige groep grijze hoofden met kastjes op hun buik blijft even staan en een klein blond meisje met haar ouders kijkt verlangend naar het tafereel…

Ik vraag met af waarom je zo’n romantisch moment zou willen vastleggen tegen dit decor. Het is na al die eeuwen nog maar een ruïne. ’s Werelds grootste arena is in de loop van de eeuwen ingestort door aardbevingen en branden, de mooiste delen zijn gestript, het marmer is hergebruikt (heel Rome is gebouwd met marmer van het Colosseum), er is in gewoond, gewerkt en gevochten en er waarden geesten rond.

Maar als je beneden staat, torent de muur nog steeds overweldigend boven je uit en ben je slechts een kleine mier in het gewoel. Het ovaal van de arena is gesloten, is niet uitnodigend, en houdt buitenstaanders tegen. Het ritme van de bogen en pilasters is streng, zonder ophouden, zonder genade. Er is niks lieflijks aan. Dit is geen plek voor nuances, voor schoonheid, voor liefde. Hier moet je je klein voelen, nietig, overgeleverd en machteloos. Dit was een plek die de macht van de Romeinen moest uitstralen en dat nog steeds doet. Macht over leven en dood.

Colosseum: Theater van de dood

Als ik het Colosseum zie, denk ik aan dood, aan bloed, aan wreedheid. Ik hoor gevangenen in doodsangst schreeuwen en de wilde beesten brullen. Ik hoor het beuken van staal op staal en het gehuil van de bloeddorstige menigte. Of het nu ging om een leuke slachtpartij van wilde beesten of om de live executies van ter-dood-veroordeelden: het moest vooral entertaining zijn.

 

Wie in de arena moest sterven, was slechts een theaterattribuut, een figurant, een decorstuk in dit theater van de dood. Naakte veroordeelden werden zonder wapens of bescherming de arenavloer opgestuurd, om een angstige en hongerige tijger, leeuw, beer, wild zwijn of een roedel honden tot voedsel te dienen. Ze werden aan de voeten aan opgejaagde paarden of stieren gebonden, of  – gekleed in een ontvlambare tuniek –  in brand gestoken. Ingesmeerd met bloed en vastgebonden op een paal werden gevangenen de arenavloer opgerold. Dat er soms gebruik gemaakt werd van een soort draaiend kamerscherm, waarachter de hulpeloze veroordeelde zijn toevlucht kon zoeken, was uiteraard maar van korte duur. Zoals ook het baantje ‘arena-assistent’ niet altijd zo prettig zijn is geweest: er werd er natuurlijk wel eens eentje gepakt.

Colosseum: Slachthuis van gladiatoren

De man-tegen-man gevechten van de beroemde gladiatoren waren de hoogtepunten van de show. Gladiatoren vochten echt niet altijd op leven en dood, laat dat misverstand direct de wereld uit geholpen worden. Daar was een gladiator veel te duur voor… hij moest kleding hebben, huisvesting, wapens, training en je kon er op gokken. Maar een beetje bloed moest er toch wel vloeien tijdens het gevecht, anders was het niet leuk.

De Romeinen waardeerden vechtlust, kracht, doodsverachting, gevoel voor show, doorvechten als je arm eraf ligt… Wie een goed gevecht gaf, kon hopen op een vrije aftocht. Maar wilde de keizer echt uitpakken, of was het publiek niet tevreden, dan werd een gladiator die had verloren onmiddellijk afgemaakt. It’s all entertainment folks!

5000 gladiatoren gingen er doorheen, alleen al tijdens de openingsspelen in 79 na Christus. Uiteindelijk was het Colosseum was een slachthuis, een executiefabriek, een plek waar bloed en vermaak aan elkaar werden verbonden: de Romeinen hebben de twijfelachtige eer deze combinatie te hebben uitgevonden.

Colosseum: Theater van de toerist

Maar hoe beleeft de moderne bezoeker dit bloedige verleden van ’s werelds grootste antieke arena? Tegenwoordig beschouwt men het Colosseum immers het liefst gezien als een sportstadion. Verhalen over de gladiatoren worden anekdotes over de vedetten uit een voorbije wereld. Bloedvergieten wordt bezien alsof het een aflevering van CSI of Bones betreft.

Bezoekers lezen er nu juist de intelligentie en de organisatorische vermogens van de Romeinen aan af. ‘Je voelt je je letterlijk omgeven door zoveel eeuwen geschiedenis, van de goede en de slechte dingen, vanaf het begin van onze beschaving,´ zei een van de gasten tijdens mijn rondleidingen. Verwondering klonk in zijn stem. En dat is een groot goed: dat een bezoek aan een dergelijk monument je onderdeel van de geschiedenis laat voelen. Daar maak je dan, in onze hedendaagse cultuur, een plaatje van.

Nog steeds is het Colosseum een theater, maar nu voor de toeristische mens. Selfie sticks mogen dan wel verboden zijn, bijna iedere bezoeker maakt een plaatje van zichzelf in dit decor, het liefst in een kekke houding, met het slagveld op de achtergrond. I was there too. Ich bin ein Gladiator… Nous sommes des gladiateurs…

Colosseum: Icoon van de Eeuwige Stad

Waarom dan toch die romantische bruidsfoto? Opeens begint het me te dagen. Het gaat niet om wat het was, maar om wat het is! Niet om de dood, maar om het leven. Het Eeuwige Leven wel te verstaan… Het Colosseum is het symbool bij uitstek, een icoon, voor niks minder dan de Eeuwige Stad. Niet voor niks zeggen de Romeinen: zolang het Colosseum bestaat, zal Rome bestaan, en zolang Rome bestaat zal de wereld bestaan. En ook onze liefde!

Het Colosseum is een symbool voor het eeuwigdurende, het onverwoestbare geworden. Een gigantische uitdaging aan de Tijd. Het Colosseum is kreupel, verminkt, half ingestort, geplunderd, verkracht, gestript, tandeloos en leeg: maar het staat er nog steeds. Een bruidsfoto maken voor die enorme oude stenenhoop genaamd Colosseum, geeft blijk van een onverwoestbaar vertrouwen in de toekomst. Dat er in die toekomst krasjes en deukjes zullen komen is zeker, ook al geloven de geliefden dit nog niet. Maar dat betekent niet dat je ten onder gaat.

Wanneer het kersverse echtpaar wegloopt, moet de bruid haar lange jurk even optillen. Ze is aan de onderkant al wat groezelig geworden van het Romeinse straatvuil, zie ik – de eerste tekenen van aantasting… Maar ze kan er niet mee zitten: dit is hun moment, de tijd staat even stil in de Eeuwige Stad. In stilte herhaal ik het mantra op mijn eigen manier: zolang het Colosseum bestaat zal Rome bestaan, en zullen de toeristen komen. En dat is maar goed ook. Voor Rome en voor de wereld.

– Sandrina Bokhorst – Wereldstadgids in Rome

Foto´s: Peter Bijl